Gras

De man zat op zijn balkon. Het was zomer, laat op de avond en licht. Het tijdstip weerhield echter niemand ervan om luidruchtig het gras te maaien.

De man dacht aan zijn jeugd. Grasmaaien was toen te herkennen geweest aan het regelmatig onderbroken mechanisch geratel van de handgrasmaaier die over het gras heen en weer gehaald werd. Nu kenmerkte grasmaaien zich door een hoog elektrisch gesnerp, onregelmatig onderbroken door klappen als zweepslagen van het ronddraaiende mes.

Zeer nabij werd het gras door een buurman gekortwiekt. De man zag er niets van, maar hoorde het des te beter. Ineens werd het stil. De geluidsproductie werd bij het wegvallen van de maaier van de buurman onmiddellijk overgenomen door zeker drie andere buurtgenoten die op grotere afstand hun grasveld soigneerden. Bovendien was er iemand – zo constateerde de man – met een zaagtafel bezig.

De invallende stilte duurde lang. Had de buurman zich van zijn taak gekweten? Dat bleek niet het geval te zijn, want ineens hoorde de man de stem van de buurvrouw. "De koffiemachine doet het niet meer. En de koelkast is er ook mee opgehouden. Is er iets mis?"
De man begreep hoe de relatieve stilte tot stand was gekomen. Ook hij had ooit onversaagd maar onbedoeld een elektrische heggenschaar in het eigen snoer gezet.
De buurman antwoordde quasiluchtig met een ondertoon van irritatie. "Ja. Door het snoer gesneden. De stoppen zullen wel zijn doorgeslagen".

Dat was, zo bepaalde de man, niet het geval, daar hij in een zelfde soort huis woonde. De elektriciteitskast was uitgerust met automatische zekeringen die met behulp van een schakelaar de elektriciteitsvoorziening konden onderbreken. Een eenvoudig omzetten van de schakelaars deed het probleem verdwijnen.

De buurvrouw reageerde ontdaan. "Is -ie nog te repareren?" De buurman dacht van wel. "Ik maak hem gewoon wat korter" voegde hij optimistisch toe, daarbij ongetwijfeld op het snoer doelend. Dat zou een metertje of wat minder reikwijdte worden, dacht de man.

"Hebben wij een zaklantaarn?" zei de buurvrouw. Zij verwarde blijkbaar de donkere dagen voor Kerst in de meterkast met de helderheid van de midzomernacht. De buurman instrueerde haar de stekker van de grasmaaier uit het stopcontact te halen. Daarop begaf hij zich zelf naar binnen, waar hij al snel de elektriciteit weer op gang had.

"Ik repareer hem nog wel," zei de buurman, weer buitengekomen, "en de rest doe ik wel met de kantentrimmer." Even later snerpte een hoog geluid het balkon van de man op.

De man nam een trek van zijn sigaar. Het gras van de buurman zou mooi kort worden, dacht hij tevreden.